Overdenking

Geliefde broeder,
Ik hoop dat het u in alle opzichten goed gaat
en dat u gezond bent.
Dat het uw ziel goed gaat weet ik,
want tot mijn grote blijdschap
kwamen hier telkens weer broeders die van uw trouw
aan de waarheid getuigden;
ze vertelden dat u de weg van de waarheid volgt.
3 Joh 1:2

‘Ik hoop dat het u in alle opzichten goed gaat en dat u gezond bent.’

Dit schrijft Johannes aan Gajus. Een heel normaal begin van een brief aan een goede vriend of geloofsgenoot. Informeren naar iemands gezondheid. Sinds we in Nederland te maken hebben met het coronavirus heeft die vraag een hele andere klank gekregen.
Als ik dit schrijf is het een week voor de herfstvakantie. Iedere ochtend na het ontwaken, constateer ik dankbaar dat ik nog gezond ben. Een beetje overdreven voor iemand van 45, niet? Toch is het echt waar. Sinds er twee weken geleden voor het eerst corona bij een collega van school werd vastgesteld en de school de week voor de herfstvakantie werd gesloten werd vanwege oplopende besmettingsaantallen, is iedere dag gezond reden tot dankbaarheid.
Als ik ’s morgens naar beneden loop klinkt er een deuntje in mijn hoofd: U bent groot en geweldig (U weet wel dat lied van Marcel en Lydia Zimmer, met die overdreven zwaaibewegingen, waar u zo enthousiast aan mee doet 😉) Het vanzelfsprekende is eraf. Ik weet dat dit voor veel mensen uit de gemeente ook het geval is. Niet alleen vanwege een virus maar omdat u al langere tijd ziek bent of merkt dat ouderdom ongemak en ziekte meebrengt. ‘Ik hoop dat het u in alle opzichten goed gaat en dat u gezond bent.” schrijft Johannes aan Gajus. Dat het uw ziel goed gaat weet ik…   Mooi vind ik dat Johannes niet alleen belangstelling heeft voor het geestelijk welbevinden, maar ook informeert naar Gajus gezondheid en hoopt dat het in alle opzichten goed met hem gaat. Voor Johannes (en dit past helemaal bij het bijbels gedachtegoed) is het lichamelijke net zo belangrijk als het geestelijke.

Dus ik hoop dat het u naar lichaam en geest goed gaat…

Petra Smit

 

U kunt ook de vorige overdenkingen teruglezen.