Overdenking

Gooi het net uit aan de rechterkant van het schip,’ riep Jezus,
‘dan lukt het wel.’
Ze wierpen het net uit,
 en er zat zo veel vis in
dat ze het niet omhoog konden trekken.

 Johannes 21:6

 

Gooi het over een andere boeg

Soms is het nodig om het over een andere boeg te gooien in je werk en ook in de kerk. Want een andere aanpak kan een ander resultaat opleveren.

In een huis in de stad zaten de leerlingen van Jezus bij elkaar. Petrus hield het voor gezien. Hij had nu lang genoeg stil gezeten. Had Jezus hen niet geroepen als vissers?  ‘Ik ga vissen!’ riep Petrus. ‘Wij gaan met je mee!’ riepen zes anderen. Zo gingen zeven leerlingen vissen.

Of moet je lezen: zij gingen op pad om te verkondigen. Had Jezus hen niet geroepen om vissers van mensen te worden? Zeven leerlingen gingen op pad. Zeven, het getal van de volheid. Alle geroepenen, de hele kerk, gaat op pad om te vissen. Ze doen het samen. Ze werken de hele nacht, maar vangen niets. Dan staat Jezus aan de kant, die hen aanwijzingen toeroept. Het is de derde keer dat Hij zijn leerlingen na de opstanding ontmoet. Het is Johannes die Hem herkent. Johannes is de man die in de verte staart, Jezus in het oog houdt. De anderen op Jezus wijst. Maar misschien ook de dromer, die visioenen ontvangt. Petrus is de doener van het stel, de man die niet stil kan blijven zitten, de organisator van de groep. Mensen doen bijna automatisch met hem mee.

Beiden zijn nodig in de gemeente. Gooi het over een andere boeg, dan zul je vissen vangen. De gemeente kan niet succesvol vissen zonder dat ze de aanwijzingen van de Heer op volgen.  Dat is aan de ene kant een troost en aan de andere kant een opdracht. Ze vangen zoveel dat de netten aan land gesleept moeten worden, dat is zegen.

Petra Smit